Wij spraken met voorzitter prof. dr. Witte Hoogendijk over het thema van deze zomerse nascholing:

Wat was de aanleiding voor het thema hardnekkige depressies?

De huidige depressierichtlijn beschrijft heel helder hoe depressie te behandelen met antidepressiva. Dus in hoeveel stappen, in welke tijd en dosis. De praktijk is alleen zoveel weerbarstiger. Een deel van de mensen knapt een beetje op met antidepressiva en er zijn ook mensen die helemaal niet opknappen.’

Is er specifiek iets uit de eigen praktijk wat u op het idee heeft gebracht?

‘De ontwikkeling van nieuwe middelen blijkt een moeizaam proces. De laatste jaren zijn er maar weinig middelen die de markt hebben gehaald. Zelf ben ik betrokken bij een Europees onderzoeksprogramma, waarin innovatieve manieren worden ontwikkeld om onderzoek te doen naar de effecten van nieuwe farmacotherapie. Nu duurt het wel tien jaar voordat een idee naar de markt komt. Met zogenaamde patient centered platform trials willen we onderzoek naar nieuwe middelen optimaliseren voor instelling, industrie en patiënt. Dankzij de ontwikkeling van de coronavaccins heeft het principe van de platformtrials een enorme boost gekregen.’

Waarom is hardnekkige depressie een relevant thema voor de GGZ en psychiatrie?

‘In Nederland hebben zo’n 800.000 personen een depressie die enige vorm van behandeling behoeft. Ongeveer de helft tot twee derde van de mensen die worden behandeld met een eerste antidepressivum heeft daar een goed effect op, maar de rest niet. Deze groep moet je verder behandelen, maar hoe te handelen wanneer er geen of onvoldoende effect wordt bereikt, in de ogen van de patiënt dan wel de behandelaar? Een depressie behandelen klinkt gemakkelijk, en het gaat ook vaak goed, maar ook regelmatig blijken patiënten partiële responders en non-responders. De richtlijnen bieden bij deze groepen niet altijd uitkomst, want elke patiënt is weer anders met een eigen persoonlijkheidsstructuur en eigen variaties in farmacogenen.’

Hoe gaat u zelf invulling geven aan het thema?

‘Ik zal beginnen met differentiaaldiagnoses, waaronder long-covid, daarnaast ook de link met de immunologie bespreken en iets vertellen over de nieuwe platformtrials. Het wordt een inleiding waarbij ook de richtlijn in vogelvlucht voorbijkomt. Voor al die mensen die farmacogenen hebben geërfd heeft hoogleraar Ron van Schaik een verhaal over de diagnostiek, betekenis en relevantie van deze genen. Hoogleraar Robert Schoevers komt ons bijpraten over nieuwe mogelijkheden op het gebied van farmacotherapie en psychedelica, met onder andere aandacht voor ketamine. Uit de groep van Damiaan Denys komt Roel Mocking vertellen over de nieuwe ontwikkelingen op het gebied van neuromodulatie, waaronder diepe hersenstimulatie.

Uiteraard is er ook aandacht voor de mogelijkheden op het gebied van psychotherapie En de de invloed van ons mensbeeld en de verwachtingen die een persoon heeft van het leven aan bod. Filosoof en theoloog Claartje Kruijff kan hier prachtig over vertellen. Ten slotte deelt schrijver en journalist Rinke van den Brink  zijn eigen patiëntervaring en beantwoordt zijn zoon graag vragen uit het publiek over hoe dit is om als kind en documentairemaker mee te maken. Kortom, na deze Summerschool weten deelnemers wat de behandelmogelijkheden zijn bij een partiële respons; wanneer een middel erbij en wanneer switchen naar een ander middel. Ook worden aanknopingspunten gegeven voor behandelmogelijkheden bij therapieresistentie. En dat alles in de gebruikelijke informele en luchtige sfeer op de mooie locatie van deze 7e summerschool.’